
130
Problemen oplossen
Het onderwerp
in het opgenomen
beeld is te licht.
Het onderwerp staat te dichtbij,
waardoor de flitser te veel licht geeft.
z
Wanneer u de flitser gebruikt, moet u ervoor zorgen
dat de afstand tussen lens en onderwerp niet
kleiner is dan 45 cm.
Het onderwerp is licht in vergelijking
met de achtergrond.
z
Stel de belichtingscompensatie in op een negatieve
waarde (-) of gebruik de spotmetingsfunctie.
Er schijnt licht direct op het onderwerp
of er wordt licht vanaf het onderwerp
gereflecteerd.
z
Pas de hoek aan waarmee u de opname maakt.
Zet de flitser aan.
z
Stel de flitser in op een andere modus dan Aan.
Er verschijnt een
verticale lichtbalk
(rood, paars) op het
LCD-scherm.
Onderwerp is te licht.
z
Dit is normaal bij apparaten met CCD's en wijst niet
op een storing of defect. (Deze rode balk wordt niet
opgenomen bij het maken van foto's, maar wel bij
filmopnamen.)
Het beeld bevat witte
stippen of sterretjes.
Licht van de flitser is weerspiegeld
door stofdeeltjes of insecten in de
lucht. Dit treedt vaker op onder de
volgende omstandigheden:
- Wanneer u opnamen maakt met de
groothoeklens.
- Wanneer u opnamen maakt met
een hoge diafragmawaarde in de
automatische belichtingsmodus
met diafragmaprioriteit
z
Dit is een verschijnsel dat optreedt bij digitale
camera's en wijst niet op een storing of defect.
De flitser wordt niet
geactiveerd
De flitser is uitgeschakeld.
z
Zet de flitser aan.
Probleem Oorzaak Oplossing
Kommentare zu diesen Handbüchern