
89
Vóór gebruik
Basishandleiding
Handleiding voor gevorderden
1
Basishandelingen van
de camera
2
Modus Creatieve
opname
3
Auto-modus/Modus
Hybride automatisch
4
Andere opnamestanden
6
Afspeelmodus
7
Wi-Fi-functies
8
Menu Instellingen
9
Accessoires
10
Bijlage
Index
5
P-modus
● Als het scherm [Bijnaam apparaat] wordt
weergegeven, raakt u het tekstvak aan
om het toetsenbord te openen. Gebruik
het weergegeven toetsenbord om een
bijnaam in te voeren (
=
29). Tik op het
scherm [Bijnaam apparaat]
op [OK].
● Tik op [ ].
● Tik op [Apparaat toevoegen]
● Tik op [WPS-verbinding].
● Tik op [PBC-methode].
● Raadpleeg de handleiding van het toegangspunt voor informatie
over WPS-compatibiliteit en instructies voor het controleren van
de netwerkinstellingen.
● Een router is een apparaat dat een netwerkstructuur (LAN) maakt
om meerdere computers met elkaar te verbinden. Een router
die een interne draadloze functie bevat, wordt een “Wi-Fi-router”
genoemd.
● In deze handleiding worden alle Wi-Fi-routers en basisstations
“toegangspunten” genoemd.
● Zorg dat u het MAC-adres van de camera toevoegt aan het
toegangspunt als u MAC-adressen ltert in uw Wi-Fi-netwerk.
U kunt het MAC-adres van uw camera controleren door MENU
(
=
28) > tabblad [ ] > [Instellingen Wi-Fi] > [MAC-adres
controleren] te kiezen.
Met WPS is het eenvoudig instellingen te voltooien wanneer u apparaten
via Wi-Fi verbindt. U kunt ofwel de Push Button conguratiemethode
gebruiken of de PIN-methode voor instellingen op een apparaat dat WPS
ondersteunt.
● Raadpleeg de gebruikshandleidingen
van het toegangspunt en het apparaat
voor instructies om de verbinding te
controleren.
● Druk op de knop [ ] om de camera aan
te zetten.
● Tik op [
].
Kommentare zu diesen Handbüchern