
127
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Voorblad
Vóór gebruik
Algemene
bediening camera
Handleiding voor
gevorderden
Basishandelingen
van de camera
Auto-modus/Modus
Hybride automatisch
Andere
opnamemodi
Tv-, Av-, M- en
C-modus
Afspeelmodus
Wi-Fi-functies
Menu
Instellingen
Accessoires
Bijlage
Index
Basishandleiding
P-modus
2 Selecteer een beeld.
Druk op de knoppen <q><r> of draai de
knop <7> om een beeld te selecteren en
druk vervolgens op de knop <m>.
3 Selecteer een optie.
Druk op de knoppen <q><r> of draai de
knop <7> om een optie te selecteren en
druk vervolgens op de knop <m>.
4 Sla het beeld op als een nieuw
beeld en bekijk dit.
Voer de stappen 4-5 in "Het formaat van
beelden wijzigen" (=
125) uit.
• Als u beelden meerdere keren op deze manier bewerkt, neemt de
kwaliteit geleidelijk af en krijgt u mogelijk niet de gewenste kleur.
• De kleuren van RAW-beelden kunnen niet worden bewerkt.
• De kleur van de beelden die u met deze functie hebt bewerkt, kan licht
afwijken van die van de beelden die zijn opgenomen met de functie My Colors
(=
79).
• Ukuntdezeinstellingookcongurerendooropeenoptietetikkenomdezete
selecteren op het scherm in stap 3 en vervolgens nogmaals hierop te tikken.
Foto's
De helderheid corrigeren (i-Contrast)
Extreem heldere of donkere gebieden (zoals gezichten of achtergronden)
kunnen worden gedetecteerd en automatisch worden aangepast aan de
optimale helderheid. Als het gehele beeld niet genoeg contrast heeft, kan
dat voor het maken van opnamen ook automatisch worden gecorrigeerd,
zodat onderwerpen beter opvallen. Kies uit vier correctieniveaus, en sla het
beeld vervolgens op als een apart bestand.
1 Selecteer [i-Contrast].
Druk op de knop <n> en kies
[i-Contrast] op het tabblad [1] (=
26).
2 Selecteer een beeld.
Druk op de knoppen <q><r> of draai de
knop <7> om een beeld te selecteren en
druk vervolgens op de knop <m>.
3 Selecteer een optie.
Druk op de knoppen <q><r> of draai de
knop <7> om een optie te selecteren en
druk vervolgens op de knop <m>.
4 Sla het beeld op als een nieuw
beeld en bekijk dit.
Voer de stappen 4-5 in "Het formaat van
beelden wijzigen" (=
125) uit.
• Bij sommige beelden kan de correctie onnauwkeurig zijn of kan
korrelige beelden veroorzaken.
• Beelden zien er wellicht korrelig uit nadat u ze herhaaldelijk hebt
bewerkt met behulp van deze functie.
• RAW-beelden kunnen niet op deze manier worden bewerkt.
Kommentare zu diesen Handbüchern